Motor rijles

Inleiding
Kwart over drie 's middags, en ik sta er weer klaar voor. Het is zwaar bewolkt, en het dreigt te gaan regenen, dus ik trek mijn regenbroek er maar bij aan. De straten zijn nog droog, de temperatuur bedraagt aangename 18 graden en er staat wat wind uit het noordwesten. Geen beroerde dag voor een motorrijles, dus.
 
Frans stelde me een rit van 20km naar Hoorn in het vooruitzicht, waar we wat zouden oefenen. Na anderhalf uur zouden we weer terug zijn in Edam. Klonk prima, dus daar gingen we. Na een paar straatjes en bochten waren we al op de provinciale weg N247 naar Hoorn, waar de maximum snelheid 80km/h is. We reden constant 90, maar Frans, die voortdurend achter me aan reed, heeft er niet over gepiept. Hij zal het wel mooi genoeg gevonden hebben.

De rit van vandaag naar en in Hoorn


Redelijk comfortabel
Deze keer had ik niet meteen last van mijn heupen en benen, zoals de vorige keer. Het voelde zelfs tamelijk comfortabel. Echter, na de eerste 10 kilometer moest ik mijn handen om-en-om even van het stuur halen. Op de Elystar zit je lekker rechtop, maar op deze ER-5 hang je voorover en drukken de binnenkanten van de handen stevig op het stuur. Verder ging het wel.
Bij het binnenkomen van de plaats Hoorn stopten we even, en besprak Frans de kilometers achter ons. Hij vond dat ik bij tijd en wijle best wat meer afstand kon houden van de voorligger. Ook meldde hij, terecht, dat ik nog meer vooruit moet kijken, vooral bij lange bochten en bij het naderen van kruisingen. Dan hoef je minder af te remmen, en kun je gewoon langzaam uitrollen als er van de andere kant verkeer komt. Vreemd, dat is iets wat ik altijd doe in de auto, maar wat ik nu minder toepas, doordat ik nog zo met het rijden op die fiets zelf bezig ben.



Afgezien daarvan ging het lekker. We waren er nu klaar voor om de kleine straatjes van Hoorn onveilig te maken.

De rit door de stad


Door de plaats Hoorn
De constante stroom commando's "volgende straat rechts" en "nu naar links" leidden me door de straatjes. Eenmaal probeerde Frans mij er in te luizen door niks te zeggen, terwijl iets verderop in de straat een "eenrichtingsweg, verboden in te rijden"-bord was geplaatst. Hier moest je naar rechts. Ik glimlachte, knipperde, sloeg af, en zag in mijn spiegel hoe Frans dacht: "Verdikkie!" ;-)
Iets later passeerden we een groep jeugdige fietsers, terwijl 100 meter verderop een verkeerslicht uitbundig rood stond te branden. "Hier rechts", zei Frans, "en kijk uit voor die fietsers. Als het groen wordt en ze rechtuit willen hebben ze voorrang, dus blijf dan liever even wachten." Daar stonden we voor het rode licht. Het volgende moment zag ik rechts van mij de fietsers passeren, dwars door het rode licht rechtuit rijdend, en mij achterlatend zonder groepje jongelui waarop ik zou moeten wachten. "Bah...die lui hebben ook nergens verstand van", mopperde Frans teleurgesteld.


Oefeningen
Even later kwamen we aan op een grote parkeerplaats, waar heel wat andere motorrijders en hun instructeurs aan het oefenen waren. Wij deden gewoon mee. Frans plaatste nog wat pilonnen, zodat op het terrein nu een compleet circuit van oefeningen was uitgezet. "We gebruiken elkaars pilonnen", zei Frans, "dus doe hier de acht, ga daar stevig remmen bij 30km/h, verderop doe je een slalom bij 20km/h en hier gaan we de cirkeloefening doen.
Eerlijk waar: ik heb maar maar één pilon omgekegeld, en dat maar één keer!


De snelweg!
Op de weg terug naar Edam dirigeerde Frans me over de snelweg. Dit was een eerste keer voor mij, en ik was gelijk behoorlijk onzeker toen ik merkte dat we de oprit opgingen. De Elystar is maar een 50cc scootertje, en dit was toch wel andere koek met 500cc, goed voor minstens 180km/h. Op de snelweg was 120 de limiet.
Maar goed, geen tijd om daar allemaal bij na te denken. Het moest maar. "Zorg dat je goed versnelt", tetterde Frans in mijn oor. Dat deed ik, maar merkte tot mijn ontzetting dat ik naast een grote vrachtwagen zat, en dus niet de hoofdrijbaan opkon. Ietsje vertragen was nodig om er voldoende achter te komen en alsnog de snelweg op te gaan. Maar wat nu? Ik reed met een vaartje van 90km/h achter die vrachtwagen, en moest eerst maar eens zorgen voor voldoende afstand. "De eerste afslag er weer af", hoorde ik. Da's helemaal lekker...hoever zou dat zijn? En heb ik wel tijd om in te halen? Ik bleef er maar even achter hangen. Een paar honderd meter verderop stond een bord: volgende afslag over 1200 meter. Twaalfhonderd meter...dat zou genoeg moeten zijn voor een flitsende inhaalmanoeuvre! Maar nee, nu zat er verkeer naast me op de linker baan, dus het kon niet. Pech...ik bleef er maar achter, totdat we rustigaan de afrit afkonden.
Eenmaal terug in Edam zei Frans, dat ik best meteen die vrachtwagen had kunnen inhalen. Maar hij voegde er ook meteen aan toe, dat bijna niemand dat meteen doet bij zijn eerste motorritje op de snelweg. Heh, bah....ik voelde me een beetje down. Een prima kans gemist, door het niet meteen te proberen. Maar goed, de volgende keer zal het me wel lukken!


Hoe verder?
Achteraf gezien hadden we prima weer. Zelfs geen regen. Ik heb weer erg veel lol gehad van de rijles.
Nu heb ik Frans verteld dat ik toch maar doorwil voor het rijbewijs. Hij glimlachte, en zei dat-ie zoiets vorige week al vermoedde. Maar goed, dit betekent dus de noodzaak tot wekelijks lessen, eind september een theorie-examen, en dan hopelijk het rijexamen ergens eind oktober. Maar eerst maar eens nog veel meer vertrouwen opbouwen bij het rijden.